Je bent niet ‘part of the problem’. Je probeert het op te lossen

De recente moord op George Floyd in Amerika vraagt om eenheid in de strijd tegen racisme en ongelijkheid in de wereld. Maar wat er ontstaat is verdeeldheid. Want als je niet op de ‘goede manier’ protesteert ben je per definitie medeplichtig.

Vanmorgen opende ik Facebook en het eerste wat ik las was de status van een goede vriendin van mij. Ze was ‘laf’ geweest, schreef ze. Omdat ze niet naar de Dam was gegaan om te protesteren tegen racisme. Door alle berichten op haar tijdlijn van de afgelopen dagen was ze gaan beseffen dat zij ‘deel van het probleem’ is. Daar schrok ik van. Mijn vriendin is een bevlogen leerkracht op een basisschool. Iedere dag is zij bezig om ervoor te zorgen dat jonge kinderen, een nieuwe generatie, opgroeien tot fatsoenlijke, inclusieve mensen. In de inmiddels ruim twintig jaar dat ik haar ken zet zij zich actief in voor een betere wereld. Op haar eigen manier, met de middelen en de mogelijkheden die zij heeft. Dat is niet de manier waarop haar buurman dat doet. Of haar collega. Of hoe ik het doe. Iedereen doet op z’n eigen manier wat-ie kan. De meeste mensen doen dat. Maar in de huidige politiek correcte deugcultuur is dat niet genoeg. Zet je je niet in op de manier die de moralisten juist achten, dan doe je het niet alleen ‘fout’, het is ook nog eens jouw schuld dat het probleem er is. ‘If you’re not with us, you’re against us’, is het credo. Het is, spreekwoordelijk, zwart of wit. En die twee kanten staan, ironischer kan bijna niet, lijnrecht tegenover elkaar.

‘Closet racist’

De afgelopen dagen zie ik mensen op social media in het rond schreeuwen dat iedereen die geen zwarte vierkanten plaatst, die het oneens is met massademonstraties in deze coronatijd, iedereen die het waagt iets te zeggen over de ‘good cops’ die er ook zijn in de VS, dus ‘complicit’ is. Ik zie hoe mensen worden uitgemaakt voor ‘closet racist’, omdat ze zich niet uitgesproken hebben op de ‘juiste’ manier. Ik word daar erg verdrietig van. En ik vind het ook nogal hypocriet. Strijden tegen onrecht doe je met z’n allen, op een inclusieve manier. Dat betekent dus dat je iedereen die zich inzet voor de goede zaak, accepteert om de manier waarop-ie dat doet. Dan kun je nog steeds vinden dat er betere manieren zijn. Dan kun je nog steeds andere ideeën hebben over de invulling van protest, het zelfs stom of onverstandig vinden hoe iemand iets heeft aangepakt. Maar jij staat niet in de schoenen van iemand anders. Jij weet niet wat iemand wel of niet kan, wil, of doet en waarom. Jij weet niet waar iemand mentaal, fysiek of anderszins toe in staat is. Wat je meestal wél weet, zeker van de mensen in je directe omgeving en netwerk, is dat hun intenties goed zijn. Dat zij, ieder op hun eigen manier, hun best doen, Proberen in ieder geval iets bij te dragen, ook al is dat maar iets heel kleins. Daar gaat het om. Om de inhoud, niet om de vorm. En al die zwarte vierkanten staan misschien heel betrokken en moet je ook vooral posten als je dat wilt, maar net zo goed als je buurman die er geen plaatst daarom niet ‘part of the problem’ is, ben jij niet ‘part of the solution’ omdat er op jouw feed wél eentje staat.

Het doel is gelijk

Heel veel mensen zetten zich op heel veel manieren in tegen racisme. Jij gaat misschien demonstreren op de Dam, waar andere mensen dat in coronatijd niet handig vinden. Maar dat doe je omdat je gelooft in die manier van actievoeren, op dat moment. Mijn vriendin leert haar klassen over een inclusieve samenleving, leert hen dat iedereen gelijk is. Ik praat met mijn kinderen over gebeurtenissen zoals die van afgelopen week, over racisme en ongelijkheid en wat wij kunnen doen om dat te veranderen. En mijn collega plaatst een zwart vierkant op Instagram. Uiteindelijk is het enige dat telt dat iedereen iets doet. In een andere vorm, maar de inhoud is hetzelfde. Het zijn allemaal manieren om duidelijk te maken dat we ons inzetten voor gelijke rechten en behandeling van iedereen. Allemaal manieren om te zeggen: wij willen niet leven in een samenleving die onderscheid maakt. Wij pikken dit niet. Begrijpen doen de meesten van ons het, natuurlijk, niet. Wij krijgen niet op dagelijkse basis te maken met racisme. Beweren dat je snapt hoe dat is, wat voor impact dat heeft op je leven, is onzin. En het gaat ook niet om jou, of om wat jij vindt en wat jij voelt. Waar het om gaat is dat we ons best doen ervoor te zorgen dat er een dag komt dat níemand meer weet wat het is om gediscrimineerd te worden. Die wens, dat doel, is voor iedereen die een gelijkwaardige wereld wil hetzelfde. Waarom kan dat niet het uitgangspunt zijn, ipv de verschillen om dat te bereiken?

Absolutisme

Dat absolutisme in de maatschappij van tegenwoordig, die beschuldigingscultuur, wie is daarmee gediend? Hoe inclusief ben je bezig als je uithaalt naar andere mensen, omdat ze iets niet op jouw manier doen? Hoe gelijkwaardig ben je bezig als je je vrienden het gevoel geeft dat ze ‘laf’ zijn en ze zich daardoor genoodzaakt voelen en plein public een statement te maken over hun keuzes? Dat heeft weinig met inclusiviteit te maken, maar vooral, en ik zeg het nog maar eens; ironisch genoeg, met onderscheid maken. In plaats daarvan kun je ook met elkaar praten. Vragen waarom iemand een bepaalde keuze heeft gemaakt, of een bepaalde mening is toegedaan. Vertellen waarom jij daar anders over denkt, iets anders hebt gedaan. Luisteren en van elkaar leren. Je informeren en daarna op jezelf reflecteren. Je perspectief misschien bijstellen en daardoor groeien, verbeteren, bijdragen. Niemand die zich inzet voor een betere wereld is deel van het probleem. En elkaar de maat nemen is in ieder geval zéker niet de oplossing.

Leave a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.