Go the fuck to sleep: hoe ik er na 8 jaar slaapgebrek helemaal klaar mee ben

Al jaren lijd ik aan chronisch slaaptekort. Dat heb ik heel lang volgehouden, maar na acht jaar (ACHT jaar, mensen!) nachtbraken ben ik nu dan toch de wanhoop nabij.

“Na drie maanden slaapt-ie door” ik weet nog dat ik dat tegen mijn man zei toen ik zwanger was van ons eerste kind. Hij was namelijk nogal geschrokken toen hij erachter kwam dat baby’s ’s nachts gevoed moeten worden en dus hun ouders wakker maken. Ik stelde hem gerust door hem te vertellen wat ik in mijn babyboeken had gelezen: dat de nachtelijke ellende hooguit drie maanden zou duren en dat onze zoon daarna klokje rond zou slapen. Drie maanden, dat was nog wel te overzien. Ik maakte me geen zorgen. Nu, acht jaar en drie kinderen later, wil ik die babyboeken met terugwerkende kracht ritueel verbranden en bovendien rectificaties aanvragen bij alle uitgevers. Die drie maanden zijn namelijk een smerige leugen, bedoeld om onschuldige, onwetende ouders erin te luizen. Drie maanden? HA. HA. HA. Ik heb al acht jaar niet geslapen. Ik ben kapot. Mijn kinderen hebben me kapot gemaakt. A la Carice van Houten in Zwartboek kan ik dan ook niet anders dan met mijn vermoeide hoofd in mijn handen vragen: houdt het dan nooit op?!

Diepzwarte wallen

Ik dacht dat we het gehaald hadden. Ik kon het licht aan het eind van de tunnel al zien. Mijn twee oudste kinderen, nu acht en zes, slapen eindelijk allebei door. Oké, mijn dochter is nog steeds iedere ochtend om 04.30 uur wakker, maar middels verscheidene trainingswekkers, omkopingstechnieken en keiharde dreigementen hebben we haar inmiddels zo ver dat ze in bed blijft liggen tot 06.00 uur, een tijdstip dat wij ondertussen als ‘uitslapen’ zijn gaan classificeren. Ik verheugde mij dus al op het extra saldo op mijn bankrekening omdat ik geen kapitalen meer zou hoeven uitgeven aan de professionele theater make-up die ik moet gebruiken om mijn diepzwarte wallen mee weg te camoufleren, maar ik had mijzelf te vroeg rijk gerekend. Mijn peuterdochter, ooit een voorbeeldig slapende modelbaby, heeft het namelijk op een nachtelijk rellen gezet. En dus sta ik wederom vijf keer per nacht in mijn onderbroek naast een kinderbedje, smekend of er alsjeblieft geslapen kan worden. Het is alsof ik in een real life, nachtelijke horrorversie van Groundhog Day terecht ben gekomen. Het is een nachtmerrie. Of nee, was het eigenlijk maar een nachtmerrie. Dan sliep ik tenminste nog.

Ho stop, bespaar me je tips en trucs, hoe goedbedoeld en wetenschappelijk onderlegd ook. Ik heb alles namelijk al geprobeerd. ALLES. Later naar bed, vroeger naar bed, geen middagslaapje, wel een middagslaapje. Liedjes, dansjes, verhaaltjes, goede gesprekken, uitleg op maat, strenge discipline, compromissen sluiten, medische checks, omkoping, alternatieve geneeswijzen, familieopstellingen en feng shui. Allemaal zonder resultaat. Het kind wil gewoon niet slapen. Wat ook precies is wat ze zelf zegt: “NEE! IK GA NIET SLAPEN!”. En wij dus ook niet. Want als ze nou nog in haar eentje wakker lag te zijn had ik er niet zoveel problemen mee. Maar zo werkt het in het peuterbrein natuurlijk niet. There’s no I in team tenslotte, dus we doen dit met z’n allen. De grote broer en zus hebben we inmiddels naar zolder verhuisd zodat die nog iets van nachtrust krijgen en wij niet de Kinderbescherming op de stoep krijgen omdat ze op school onder hun tafeltjes liggen te slapen, maar meer kamers hebben we daar niet, dus Mario en ik zitten iedere nacht weer eerste rang bij de show die onze dochter in haar kamer opvoert. En het is me een voorstelling, daar verdient ze een staande ovatie voor. De Stervende Zwaan is er niks bij.

Genoeg is genoeg

Ik wil wel slapen. Ik wil wél slapen! GODVERDOMME, LAAT ME SLAPEN! Ja, ik weet het: ik heb zelf drie kinderen gekregen en het hoort erbij en je krijgt er zoveel voor terug. Bla bla bla. Ik wil maar één ding terug: mijn nachtrust. Ik wil ’s ochtends opstaan zonder het gevoel te hebben dat er een vrachtwagen over me heen is gereden. Ik wil in de spiegel kijken en een mens zien, geen personage uit The Walking Dead. Ik wil ’s avonds niet gelijk na het Journaal naar bed moeten omdat ik dan misschien, met heel veel moeite, uiteindelijk nog op drie hele uren slaap per nacht uit kom. Ik ben er klaar mee. Ik heb mijn bijdrage geleverd, mijn contributie aan de niet slapen club is ruimschoots betaald. Ik zou ondertussen premium member moeten zijn en dus alleen nog voordeeltjes moeten krijgen. Ieder weekend om 10.00 uur ontbijt op bed bijvoorbeeld. Doordeweeks te laat op mijn werk komen omdat ik me verslapen heb. ’s Ochtends uit mezelf wakker worden terwijl iedereen nog slaapt en dan in stilte koffie kunnen drinken. Dat heb ik verdiend. Sterker nog: ik heb er recht op. Geef me mijn gele hesje maar, ik ga staken.

Chronisch vermoeide ouders, verenigt u. Ik weet dat ik niet de enige ben (toch? TOCH?!). Laten we een vuist maken tegen het onrecht dat ons wordt aangedaan en ons ontworstelen aan het wanbeleid van onze kinderen. Ja, we zijn ouders, maar wij hebben ook rechten. We willen ons met hart en ziel inzetten, maar dan moeten we wel marktconform beloond worden. Dus beklim met mij de barricade en laten we ons inzetten voor het verbeteren van de arbeidsomstandigheden van de beroepsgroep. Eén voor allen en allen voor één! En anders ga ik permanent in een hotel slapen. Wacht echt: fuck this shit, kids. I’m out.

Beluister (en huiver…) ook de podcast over chronisch slaapgebrek die ik samen met de Volkskrant maakte.

Leave a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.