Deze 10 gevechten met je kind kun je maar beter niet aangaan

Als ouder ben je eigenlijk in constante staat van oorlog. Soms zijn er korte perioden van wapenstilstand (met kerst ofzo), maar meestal ligt je keihard in de loopgraven. En sommige dingen zijn het waard om over te vechten, maar in andere gevallen kun je beter capituleren. Zoals:

1. De kledingoorlog

Wil jouw dochter alleen maar jurkjes aan, ook als de ijsbloemen op de ruiten staan? Prima, ze krijgt het vanzelf wel koud (of niet). Is jouw zoon spectaculair kleurenblind en prefereert hij een knalgeel shirt met groene broek en blauwe sneakers, of wil hij als Elsa van Frozen naar school? Tja, jouw smaak is het niet, maar jij hoeft er tenslotte ook niet mee over straat.

2. De kapseloorlog

Ik probeer mijn dochter er al jaren van te overtuigen dat ze een meisje is en dat het daarom leuk is als ze een keer een staartje of een speldje in heeft. Zij is het echter chronisch met mij oneens en gaat liever met een soort rafelig vogelnest op haar hoofd naar school. Inmiddels heb ik het opgegeven en een bobje laten knippen. Roze t-shirtje erbij en ze lijkt toch net een meisje.

3. De speelgoedoorlog

Tuurlijk, die houten trekeenden zijn enorm verantwoord en bovendien duurzaam, maar wat heb je liever: een chagrijnig kind dat nergens mee wil spelen, waardoor jij de hele dag als een soort live entertainment center fungeert, of een kind dat zichzelf zeker een half uur (dat is minstens een half tijdschrift en twee koppen thee!) kan vermaken met allerhande fluorescerende en jankende Toet Toet auto’s, of iets anders psychedelisch van Fisher Price?

4. De slaapoorlog

Het is een verloren zaak. Je kunt een kind niet dwingen om te slapen (nou ja, misschien alleen onder invloed, maar whiskey op de speen mag jammer genoeg niet meer). Dus zit er niks anders op dan je schrap zetten en het kind af en toe een weekend aan opa en oma doneren. Bespaar jezelf de nachtelijke discussies (“Slapen is lekker, liefje…”, “NEE! GA NIETTE LAPEH!!!”) en een naderend faillissement door de nutteloze aanschaf van allerhande trainingswekkers, lichtschildpadden en oceaangeluidenmachines en investeer ipv daarvan in een cursus Mindfulness. Of drank, dat kan ook.

5. De groentenoorlog

Dreigen met scheurbuik maakt geen indruk. Dat is namelijk lange termijn denken en jouw kind wil NU die sperziebonen niet opeten. Het goede nieuws is dat kleine kinderen over de capaciteit bezitten om jarenlang te overleven op een halve doperwt en een crouton, zonder ten onder te gaan aan vitaminegebrek. Kan je toch pas echt goed slapen als je zeker weet dat er ook nog wat anders ingaat dan vlindertjesmacaroni en knakworst, wees dan slim en pureer groenten door Bolognesesaus of flikker een hand spinazie door een smoothie met heel veel zoet fruit. Als je geluk hebt trappen ze erin (maar vaak ook niet, want kinderen ruiken alles wat ook maar enigszins met groenten te maken heeft zelfs door de meest overrijpe mango heen).

6. De meningenoorlog

Er komt een moment (eerder dan je denkt) dat jouw kind vindt dat hij een eigen mening heeft. Ook als dat niet zo is. Dan krijg je situaties als dat hij vindt dat het buiten niet koud is, ook al vriest het -10. je eerste neiging zal zijn je kind te overtuigen van zijn ongelijk, maar dat is verspilde moeite. Heeft een kind eenmaal een mening gevormd, dan zal het deze met zijn leven verdedigen. De beste strategie is daarom gewoon ja en amen zeggen. En je alvast verkneukelen over het moment dat jij (ook al moet je er drie jaar op wachten) alsnog te horen krijgt dat je toch wel een punt had.

7. De televisie-oorlog

Volledig gelegitimeerd, dat jij van pure frustratie de haren uit je hoofd wilt trekken bij het horen van de tune van Dora, Bob de Bouwer, of Bumba de horrorclown. Maar als jij vervolgens heel verantwoord jouw oude videobanden van VPRO’s Achterwerk in de Kast opzet, wordt er gewoon niet gekeken en kun je nog steeds niet rustig koken. Met een uurtje hersenverweking per dag blijft de schade waarschijnlijk nog wel beperkt en rustig in de spaghetti met rode saus kunnen roeren, zonder dat je daarna de sausvlekken van het plafond kunt schrobben is ook wat waard.

8. De broertjes en zusjes-oorlog

Ja, het leek je zo gezellig, meerdere kinderen. En ja, je hebt nou juist zo je best gedaan om voor inwonende speelkameraadjes te zorgen. Maar feit blijft: ze zullen elkaar de hersens inslaan. Daar doe je niks aan. Je kunt zwaaien met je witte vlag tot je er een muisarm aan overhoudt, het heeft geen zin. De opponerende partijen komen niet tot een vredesakkoord tot ze al lang en breed op de basisschool zitten (en dan nog is het een precair staakt het vuren). Staak daarom de onderhandelingen en ga de LINDA. lezen. Zolang er geen bloed vloeit, zal het wel loslopen.

9. De poep en piesoorlog

Hoe graag je het ook zou willen, je hebt gewoon geen controle over de blaas en de sluitspier van je kind. Dat JIJ van de luiers af wilt, betekent nog niet dat je kind zich niet gewoon nog comfortabel wentelt in zijn eigen uitwerpselen. Hoe meer jij uitnodigend naar het toilet wijst, hoe voller je kind zijn luier zal aanbieden. Er zit dus niks anders op dan een lange adem hebben (en die af en toen inhouden) en dromen van het al het geld dat je over gaat houden als je kind uiteindelijk besluit om zindelijk te worden (dat vooruitzicht van die nieuwe Louboutins sleept je er doorheen).

10. De discussieoorlog

Kinderen zijn doorgaans niet voor rede vatbaar. Ook niet als jij er bijzonder steekhoudende en goed onderbouwde argumenten op nahoudt. Het stichten van een democratie in een gezin met kleine kinderen is een utopie en daarom de moeite niet waard. Een dictatuur is, zeker de eerste vijf jaar, the way to go. Dus: “Waarom?”, “Omdat ik het zeg!”. Stalin-style, zeg maar).